De deflatieleugen

De inflatie daalde naar het laagste peil in jaren. We zouden nu op negatieve inflatie of zelfs deflatie afstevenen. Volgens de overheid en de centrale bankiers zou dat catastrofale gevolgen hebben. En daarom moet er massaal geld worden bijgedrukt. Want dat is goed voor de economie. En dus voor de mensen. Ja, toch?

Het is één grote leugen. Inflatie is een toename van de geldhoeveelheid en de kredieten, met een hoger prijsniveau tot gevolg. Deflatie is precies het omgekeerde. Anders uitgedrukt: bij inflatie daalt je koopkracht en bij deflatie stijgt je koopkracht. Of nog: bij inflatie word je armer en bij deflatie word je rijker – zonder dat je er iets voor doet.

Wanneer politici en centrale bankiers het over inflatie hebben, dan bedoelen ze echter een stijging van de consumentenprijsindex (CPI). In Groot-Brittannië ging die CPI sinds 1989 jaarlijks met zo'n drie procent hoger. Maar over diezelfde periode nam de geldhoeveelheid met bijna twaalf procent per jaar toe. Dat is maal 67.

Is de gemiddelde Brit ook 67 keer rijker geworden? Natuurlijk niet. De lonen zijn immers maar met een factor 13 gestegen. Om rond te komen, moeten de meeste koppels nu met twee gaan werken. Om een zekere levensstandaard te kunnen aanhouden, kloppen ze bovendien ook langere uren. En ze hebben meer schulden en minder kinderen. Voor die kinderen ziet het er trouwens nog beroerder uit. Zij torsen de torenhoge staatsschuld. Vele jongeren zullen nooit een eigen woning kunnen verwerven.

Volgens denktank 'Positive Money' is slechts tien procent van al dat vers gedrukte geld naar consumentengoederen gegaan. Dus de stijging van de CPI berust slechts op een fractie van de geldcreatie. Iets meer dan tien procent van die geldgroei zorgde voor echte economische groei en dus jobs. Het overgrote deel vloeide echter richting financiële markten en vastgoed.

Maar vastgoed en aandelen zitten natuurlijk niet in de index. Deflatie afschilderen als iets gevaarlijks en inflatie als iets goeds, is dus oneerlijk. Beweren dat geld bijdrukken de economie zal stimuleren, is een leugen. En als inflatiemaatstaf een index gebruiken die zo'n tachtig procent van de geldgroei negeert en dan roepen dat deflatie dreigt, is ronduit crimineel.

Dalende prijzen zouden ervoor zorgen dat consumenten hun aankopen gaan uitstellen. Waarom loopt iedereen dan naar de Apple Store voor de laatste nieuwe iPhone? Binnen een jaar zal de prijs nochtans gedaald zijn. En zelfs als die theorie zou kloppen, dan zouden de mensen dus meer gaan sparen in plaats van te consumeren... wat is daar verkeerd mee? Misschien hebben ze dan iets achter de hand voor hun oude dag, want de overheid heeft hun pensioengeld al lang opgesoupeerd.

Deflatie is in het voordeel van spaarders, terwijl inflatie vooral schuldenaars en speculanten in de kaart speelt. Kwantitatieve verruiming (QE) is louter een manier om de bubbel in vastgoed, aandelen en obligaties in stand te houden. En om de Westerse overheden van het faillissement te behoeden.

De groeiende inkomens- en welvaartsongelijkheid is een rechtstreeks gevolg van het huidige schuldgedreven financieel-monetair systeem. Een lage rente straft wie werkt en spaart. En het beloont wie schulden maakt en speculeert. Als de linkse rakkers denken dat een verhoging van allerlei belastingen het antwoord is, dan hebben ze het fout. Het zou de productieven gewoon nog meer straffen. Het enige juiste antwoord is een nieuw eerlijk geldsysteem.

 

Bronnen

Foto's & illustraties

Economische Begrippen